Vervuiling Saramaccarivier lijkt verdwenen, maar vis is nog niet veilig verklaard

Original text in Dutch Translate
Nieuwe metingen op meerdere plaatsen in de rivier geven volgens minister Brunings een positief beeld. Over de vraag of de vis veilig te eten is, kan hij nog geen uitspraak doen: die analyses lopen nog.
De vervuiling van de Saramaccarivier lijkt te zijn verdwenen. Dat zegt minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu op basis van nieuwe metingen die op verschillende plaatsen langs de rivier zijn verricht. Het beeld is volgens hem tot nu toe positief.
Daarmee is het dossier niet gesloten, en de minister zegt dat ook. De analyses van visstalen zijn complexer en lopen nog. Zolang die niet rond zijn, kan hij geen definitieve uitspraak doen over de vraag of vis uit de rivier veilig is voor menselijke consumptie. De volksgezondheid staat daarbij voorop, aldus Brunings. Zijn ministerie en dat van Volksgezondheid zouden deze week meer duidelijkheid geven over de onderzoeksresultaten.
Dat onderscheid is wezenlijk. Dat het water op het moment van meten schoon oogt, zegt weinig over stoffen die zich in vissen hebben opgehoopt. Juist via de vis bereikt een verontreiniging de mens, en dat is in dit geval precies de reden waarom vissers langs de rivier al maanden stilliggen.
Aan het incident worden nu ook structurele maatregelen verbonden. Het nationale rampenplan voor olielozingen wordt uitgebreid tot een nationaal rampenplan dat ook chemische vervuiling en binnenwateren omvat. Een commissie krijgt de taak dat plan actueel te houden, oefeningen te organiseren en incidenten achteraf te evalueren. Bij de uitvoering zijn behalve de twee ministeries ook het NCCR, de politie, de Kustwacht, het Openbaar Ministerie en de Nationale Milieuautoriteit betrokken.
Daarnaast is er een presidentiële commissie die, in samenwerking met de Verenigde Naties, aan de slag gaat met duurzamere goudwinning. Daarbij gaat het zowel om handhaving als om alternatieve winningsmethoden. Dat die commissie er komt, is een erkenning dat het probleem niet bij dit ene incident ophoudt.
Wat nog steeds ontbreekt, is de kern van de aansprakelijkheidsvraag. In het bericht wordt geen bedrijf genoemd. In de editie van 12 oktober zei president Simons dat de vervuiling afkomstig is van een verhuurde concessie van staatsmijnbouwbedrijf Grassalco; welk bedrijf daar werkte, is tot op heden niet bekendgemaakt. Assembleelid Ivanildo Plein eiste die openbaarmaking, plus structurele steun voor vissers zonder inkomen. Over beide punten bevat het bericht van vandaag niets.
Ook worden geen laboratoria genoemd, ontbreken data en aantallen van de monsters, en staat er geen advies voor bewoners in, bijvoorbeeld of zij in afwachting van de uitslagen beter geen vis uit de rivier kunnen eten. Dat laatste is bij een nog lopend onderzoek naar voedselveiligheid een opvallende omissie.